Beluister deze pagina met proReader

D66 stelt schriftelijke vragen betreffende de nieuwbouwplannen voor horeca bij de Noord Aa-plas

dinsdag 11 januari 2011

Schriftelijke vragen van de fracties van de PvdA en D66 betreffende de nieuwbouwplannen voor horeca bij de Noord Aa-plas


De vragen zijn o.a. gebaseerd op informatie die beschikbaar is op de website van het Actiecomite “Behoud Karakter Noord Aa”:


Website van het actiecomité "Behoud Karakter Noord Aa"


De onderstaande vragen hebben betrekking op de bouwvergunningaanvraag van 8 november 2010 voor een horecabedrijf aan de Noordoostzijde van de Noord-Aa plas (vliegerweide).

1. Hoe staat het college tegenover het hierboven aangehaalde initiatief voor de bouw van een restaurant op de vliegerweide;

2. Zijn er andere gegadigden voor de bouw van een horecabedrijf op de vliegerweide, zo ja welke en hoe staat het college daar tegenover;

3. Wordt de exploitant in de gelegenheid gesteld om ronddom het gebouw ruimte te gebruiken om bezoekers te kunnen bedienen (b.v. terrasfunctie);

4. Welke kosten (inrichting, parkeerplaatsen etc.) en (pacht)opbrengsten zijn er voor de gemeente als gevolg van de komst van het restaurant;

5. Artikel 6 gaat over gronden met de bestemming “recreatieve doeleinden”. In lid 1 is aangegeven dat op deze grond een “horecabedrijf” gevestigd mag worden. In lid 2 is aangegeven dat op deze grond uitsluitend gebouwd mag worden ten dienste van de bestemming. Betekent dit dat het te bouwen horecabedrijf uitsluitend mag dienen om de recreatieve functie te ondersteunen (b.v. theehuis voor mensen op de speelweide);

6. Zijn er beperkingen in het gebruik voor de exploitant (b.v. openingstijden, activiteiten buiten, besloten feesten, muziek, terras) en zo ja is de beoogde exploitant hiervan op de hoogte gesteld;

7. U geeft op voorhand aan dat u medewerking wilt verlenen om voor de horecagelegenheid 300 m2 i.p.v. 100 m2 gebouwd oppervlak toe te staan. Van een vertegenwoordiger van de bewoners hebben wij begrepen dat zij in 2005 bezwaar hebben gemaakt tegen de mogelijke komst van een horecagelegenheid op de vliegerweide. De beperkte omvang van 100 m2 heeft hen toen gerustgesteld. De uitbreiding naar 300 m2 zou slechts een theoretische mogelijkheid zijn. Klopt dit beeld.

8. Volgens het bestemmingsplan kunt u de uitbreiding toestaan als er naar uw mening:

a. b. c. Graag een toelichting hoe u aan deze 3 voorwaarden toetst.

op een goede wijze in de parkeerbehoefte wordt voorzien (art. 6 lid 4); geen sprake is van onevenredige aantasting van het gebied (art. 6 lid 4a); en geen sprake is van onevenredige verkeersaantrekkende werking (art. 6 lid 4b).

De onderstaande vragen betreffen meerdere aspecten.

9. In de uitnodiging tot inschrijving heeft de gemeente gevraagd om aanbiedingen die een unieke en originele invulling van de locaties beogen. Een toetsingscommissie beoordeelt de visie van de ondernemers, de meerwaarde en het imago van het plan voor het gebied. De ondernemer dient daarbij aan te geven waarom de te vestigen formule uniek is en waarom die juist op déze locatie tot zijn recht zal komen.

10. Kan het College voor deze aspecten aangeven welk oordeel door de toetsingscommissie en welke visie door de ondernemer gegeven is?

11. Bij het inschrijvingsproces worden de aanbieders, zoals blijkt uit de voorgaande vraag, zéér selectief beoordeeld. Op welke wijze wordt gewaarborgd dat deze aanbieding, na de

1

vergunningverlening en de ondertekening van het erfpachtcontract, ook tijdens de

exploitatiefase gestand wordt gedaan? 12. In de natuurgebieden in onze buitengebieden zijn slechts enkele horeca-gelegenheden

toegestaan, veelal op uitgelezen locaties. Welk voordeel heeft de Zoetermeerse gemeenschap op langere termijn indien na een strenge selectie van de aanbieders zoals beschreven in de voorgaande vraag, vervolgens géén toezicht, controle en borging van het horeca-concept plaatsvindt? Op welke wijze is het mogelijk om het eventuele schaden van de belangen van de Zoetermeerse gemeenschap te vermijden?

13. Om welke reden heeft deze borging niet plaatsgevonden bij andere horeca-inschrijvingen zoals aan de Benthuizerplas en het Balijbos? Bij deze locaties is in de afgelopen jaren meerderemalen van exploitant/eigenaar gewisseld met duidelijke veranderingen van de horeca-concepten.

14. In het bestemmingsplan, artikel 6, vijfde lid, staat een verbod om de gronden en/of bouwwerken te gebruiken in strijd met het bestemmingsplan. In het zevende lid staat dat B&W vrijstelling verlenen indien strikte toepassing zou leiden tot beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd. Wat wordt hiermee feitelijk bedoeld?

15. Is door het College ooit toepassing gegeven aan de in de vorige vraag gestelde bepaling in een bestemmingsplan voor een andere situatie? Kan het College illustreren welke uiterste gevolgen deze bepaling kan hebben in de onderhavige situatie en in andere situaties elders in Zoetermeer?

16. Welke horeca-functie (klasse 1, 2 of 3) is volgens het bestemmingsplan toebedeeld aan de horeca Aa-Zicht, de horeca aan de Benthuizerplas en de horeca aan de Balijbos? Is voor deze locaties toepassing gegeven aan artikel 6, zevende lid?

17. Een horeca-gebouw in een natuurgebied heeft van alle kanten zichtzijden. Op welke wijze worden eisen gesteld om verrommeling van het terrein rondom de nieuwe gebouwen te vermijden?

18. Bij de horeca-gelegenheden Aa-zicht, aan het Balijbos en aan het Lange Land is sprake van een dergelijke verrommeling in de vorm van schuurtjes, gestalde caravan, materiaalopslag etc. Welke eisen tegen verrommeling zijn voor deze locaties gesteld? En waarom wordt door het College niet handhavend opgetreden?

19. Welke eisen worden gesteld aan de horeca die midden in de natuur gelegen is, om storende geluiden en geuren van installaties te vermijden, waarbij gedacht wordt aan ventilatoren, airco en afzuigwalmen (frituurvet)?

20. De vliegerweide is een zéér open terrein waarin een gebouw van welke afmeting ook, zéér manifest aanwezig is. De afgelopen jaren heeft de raad meerdere malen verzocht om groene vegetatieve daken te stimuleren. Is het College bereid een groen vegetatief dak in overweging te nemen om redenen van milieu-duurzaamheid én landschappelijke inpassing?

21. Is het College bereid om het zogenaamde grashard parkeren in overweging te nemen zoals elders in de stad (bijv Noordhove) ook gedaan is, om de groene uitstraling van de Vliegerweide te behouden indien er géén auto's geparkeerd staan?

22. Is het College bereid om een groene wal aan één of twee zijden rond de horeca aan de Vliegerweide in overweging te nemen? Deze groene wal heeft tenminste drie functies: groen aanzicht, geluidsafscherming en schuine ligweide. Daarbij kan gedacht worden aan het bekende gevouwen maaiveld op het Museumplein in Amsterdam, ook wel ezelsoor genoemd, een gewilde grashelling waarop recreanten ontspannen kunnen zonnebaden en chatten.

Datum: 4 januari 2011 Opstellers: Taco Kuiper, PvdA

Willem Bos, D66

2






Reageer

Reacties


Plaats een reactie


Er zijn nog geen reacties geplaatst.
print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave



Agenda

RSS
 

Verkiezingsprogramma D66 Zoetermeer







D66 Zoetermeer online

D66 Zoetermeer                     

  

D66 Zoetermeer

Robin Paalvast

Chantal Kouwenberg

Hans Haring

Flip Huisman




D66 Zoetermeer verkiezingen 2010 weergeven op een grotere kaart